e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
het gaat het rukken en storen rukwind:   ⁄t geit met rekken en stoëte (As) III-4-4
het gaat katten spuwen stuiven van droog zand of stof: het gaat katten spuwen  ⁄t gi kàtə spàuə (Velm) III-4-4
het gaat me niet zich niet lekker voelen:   het git mich nie (Eksel) III-1-2
het gaat op de avond aan schemering, valavond: uitdrukking!  et geit oppen aovend aan (Maasniel) III-4-4
het gaat schrouw guur, kil en schraal weer:   de bieës geit sjraw (Schinnen) III-4-4
het gaat terug eb, laagtij:   et geiĕt trŭk (Ingber) III-4-4
het gans gedoe erf en omliggende landerijen:   ǝt gans gǝdu (Blerick) I-8
het ganse bedrag het volle bedrag:   ’t gans bedraag (Schimmert), ⁄t ganse bedraag (Baarlo, ... ) III-3-1
het ganse geld het volle bedrag:   ’t ganse gelt (Waubach) III-3-1
het ganse kraampje het volle bedrag:   ’t gans kröömke (Sittard) III-3-1