e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
gaan met - verkering hebben:   gaon mit (Wijlre), gaoë mit (Nieuwenhagen, ... ), gaoə mit (Heerlen), goan met (Weert), goon mèt (Valkenburg), zij gaeit mèt  hè gaeit mèt (Zutendaal), Zo wordt het ook wel genoemd.  goan mit (Venray, ... ) III-2-2
gaan onder boomvruchten stelen:   ōŋər də ... gōͅə (Nieuwenhagen) III-3-2
gaan paren tochtig: omschrijvend ww.  die gaon pare (Oirlo) III-4-1
gaan regenen betrekken (lucht):   ət xeͅt reͅnə (Teuven), ⁄t gôt raegene (Oirlo) III-4-4
gaan ritsen verdwenen:   gaon ritsen (Ophoven) III-1-2
gaan schanden bederven, gezegd van pekel:   (het vlees is) šandǝ gǝgōn (Mechelen) II-1
gaan schannen te snel verwerkt:   (het vlees) gēt šanǝ (Noorbeek) II-1
gaan schijten reinigingsvlucht:   gaan schijten (Kerkhoven), gǭn šejtǝn (Genk) II-6
gaan schooien bedelen: iets stelen of pakken  schooie gaon (Wellen) III-3-1
gaan staan urineren:   goon stoon (Uikhoven), Als men zich uit een gezelschap verwijderd.  ich moet ens gon ston (Bilzen) III-1-1