e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
koestront uitereenslaan mestplakken verspreiden:   kustrõnt˱ ytǝręnslǭn (Leunen, ... ) I-2
koestront uitereensmijten mestplakken verspreiden:   kustrõnt˱ ytǝręnsmitǝ (Aijen, ... ) I-2
koestronten breken mestplakken verspreiden:   kui̯strǫntǝ brēkǝ (Linkhout, ... ) I-2
koestronten uitereenhouwen mestplakken verspreiden:   kustrøntj˱ utręi̯nhǫu̯ǝ (Tungelroy) I-2
koesuier uier:   kuwsiǝr (Leunen, ... ) I-11
koesurelle wilde zuring:   kusǝręl (Waltwilder) I-3
koet fluim:   kaet (Mechelen), koe:t (Eygelshoven), koet (Bocholtz, ... ), koèt (Bocholtz), kōē.t (Mechelen), kōēt (Bleijerheide, ... ), kūt (Welkenraedt), knoflook:   kōēāt (Elen), meerkoet:   koet (Houthem, ... ), kōē.t (Boukoul, ... ), ransuil:   koet (Sittard), koet(uil) (Sittard), slijm:   koet (Vaals, ... ), kōēt (Noorbeek, ... ), snottebel:   koet (Heerlen, ... ), kōē:t (Puth), kōēt (Eygelshoven, ... ), kōēëte (Hoensbroek), neusslijm  n koet (Klimmen), Opm. [en kuutnaas] is een jong kind.  kūt a gən nās (Montzen), steenuil:   koet (Stramproy), uil:   koet (Zichen-Zussen-Bolder), vijver: (kleiner).  kuuwt (Opglabbeek), kūūt (Gruitrode), wak in het ijs:   koeit (Vechmaal), koet (Vliermaalroot), kot (Lommel), Opm.: de oe van koe.  koeit (Vechmaal), Opm.: de tweede e is dof.  koeët (Groot-Gelmen), ps. alleen dit woord is bekend bij invuller.  ə kūə.t (Genk) I-7, III-1-2, III-4-1, III-4-4
koetand spijkertrekker:   kūtant (Bilzen) II-12
koetebel snottebel:   əŋ kōētəbel (Heerlerheide) III-1-2
koetegilles snottebel:   koetegilles (Nieuwenhagen) III-1-2