e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
boomnoot noot:   boomnooët (Mheer), okkernoot:   baumnoot (Valkenburg), boom’noos (Bleijerheide, ... ), boümnoët (Gronsveld), -  boamnoot (Valkenburg), boamnöt (Gulpen), bomnoe:t (Sint-Geertruid), boomnoeët (Eygelshoven), boomnoeət (Eys), boomnoos (Kerkrade), boum-noe-ət (Wijlre), boumnoot (Meerssen), boumnooêt (Wijlre), neutsjloan  boumneut (Berg-en-Terblijt), walnoot:   baomnaót (Noorbeek), baumnoot (Schimmert), boomnoeët (Eygelshoven), boomnoeət (Eys), boom’noos (Bleijerheide, ... ), boumneut (Berg-en-Terblijt), boumnoet (Sint-Geertruid), boumnoeət (Wijlre), boumnoot (Meerssen), boumnooêt (Wijlre), boümnoët (Gronsveld, ... ), mar.: staat er echt! (noeteboom)  boomnoos (Kerkrade), mv.  boamnöt (Gulpen), mv. neut  boamnoot (Valkenburg) I-7, III-2-3
boomnuts boomwagen:   bau̯mnøts (Bocholt), bø̜mnøts (Zolder) I-13
boomolie olie:   boemoo.ële (Zonhoven), boomwo’llë (Hoeselt), boumolie (Maastricht), boümoëlie (Gronsveld), (raapolie= smoat of boumolie).  boumolie (Neeritter), bij het slaan van olie, bij de eerste slag ontstond ~, gebruikt als slaolie  bomoͅli (Geysteren), boomolie: olijfolie  bòmoo.ële (Zonhoven), boumolie en azien op de slaoj doen  boumolie (Maastricht), een ander woord voor olijfolie  buimulie (As, ... ), olijfolie eveneens voor het maken van sla  boumolie (Maastricht) III-2-3
boomolig olie:   boom’oalieg (Bleijerheide, ... ) III-2-3
boompieper boompieper:   baumpieper (Venlo), boempieper (Neerpelt), boeëmpieper (Eksel, ... ), boēwmpieper (Venray), boompieper (Brunssum, ... ), boompīēper (Waubach), boompīēpər (Brunssum), boumpieper (Stevensweert), bōmpipər (Lommel), boͅmpipər (Meijel), boͅu̯mpipər (Maaseik), buimpieper (Opglabbeek), bôêmpieper (Venray), Frings  boͅu̯mpīpər (Borgloon), Frings; half lang als lang omgespeld  bōͅu̯mpipər (Lanklaar), graspieper:   bōmpipər (Lommel) III-4-1
boompiepertje boompieper:   boompieper(ke) (Heythuysen, ... ), buəmpipərkə (Kaulille), bôêmpīēperke (Weert) III-4-1
boompikkertje boomkruiper:   boompikkerke (Vrusschemig) III-4-1
boompje boek:   bø̜jmkǝ (Maastricht), boom (alg.):   beumke (Wijlre), bui:mke (Montfort), buimke (Grathem, ... ), buimkew (Tegelen), bäömke (Sittard), bömke (Venray), bömkə (Sint-Martens-Voeren), bömxə (Eynatten, ... ), bøͅimkə (Beek), bø‧mkə (Membach, ... ), etym. (e.d.), zie boek  bumke (Zonhoven), boompje wisselen:   boomke : ieder staat aan een boom behalve eentje die moet proberen een boom vast te krijgen. de rest probeert van boom te wisselen zonder dat ze hem kwijt geraken door degene in het midden (Genk), bovenboom:   bø̜mkǝ (Oirsbeek), duwer van de aanaardhandploeg:   bømkǝ (Wellen), bø̄i̯mkǝ (Smeermaas), kaarten, een spelletje kaarten:   bømkə (Loksbergen), e buimke kaarte (Bocholt), e bömke tùisse (Kortessem), ei beumke kaarte (Tungelroy), pag. 32: buimke (kaojônge), soort kaartspel.  buimke (Stokkem), Sub beimke.  e beimke kaarte (Bree), Sub boom, (2).  e bīēmke kejoenge (Hasselt), Sub boompke, (2).  een boompke [bømpkə} kaartspelen (Niel-bij-St.-Truiden), Sub plàsseire.  e buuëmke plàsseire (Sint-Truiden), koning:   bø.mkǝ (Lauw), pasteitje:   beumke (Grathem), staakijzer van de watermolen:   bø̜mkǝ (Lauw) I-5, II-12, II-3, III-2-3, III-3-2, III-4-3
boompje stelen boompje wisselen:   buimke staele (Nederweert), Dit werd gespeeld op n plaats waar veel bomen stonden. n Aantal bomen werd aangetekend (één minder dan het aantal deelnemende kinderen). Er werd uitgeteld werlk kind in de kring ging staan, die op de grond was getekend ergens tussen de bomen. De andere kinderen stonden dan met één hand tegen n getekende boom. Het kind in de kring riep dan: Stok, stok, steîn. Alle buimkes vanein en dan wisselde iedereeen van boom. Als een kind stond te suffen en vergat boompje te wisselen, werd gezegd of plagend geroepen: "Dich mós neet buike staon mer staele".  buimke staele (Weert) III-3-2
boompje vertuisen boompje wisselen: Sub vertuuse: verwisselen [...] Wïj spulde bömke vertuuse (tikspel).  bömke vertuuse (Gennep) III-3-2