e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
bolsteren kaf:   bǫu̯stǝrǝ (Boukoul, ... ), peulen, doppen (ww.):   bausteren (Maaseik) I-4, I-7
bolsterig zijn in verwachting zijn: cf. Schuermans s.v. "bolsteren"(opzwellen,..... zie ook Schuermans s.v. "bolster"(in sommige streken gebruikt voor bol, opgeblazen...)  bolstierig zèn (Diepenbeek) III-2-2
bolstuit haan zonder staart:   bolstyt (Boshoven, ... ), hen zonder staart:   bolstyt (Boshoven, ... ), bē̜lstȳt (Altweert, ... ) I-12
boltang smeedtang:   bǫltaŋ (Helden, ... ) II-11
boltas tas:   bǫltas (Horst, ... ) II-11
bolus droge verfstoffen:   boløs (Klimmen) II-9
bolvot haan zonder staart:   bolvot (Klimmen, ... ), bolvōt (Melick), hen zonder staart:   bolvot (Guttecoven, ... ), spin:   bol-vot (Geulle) I-12, III-4-2
bolvots haan zonder staart:   bolvots (Tegelen), hen zonder staart:   bolvots (Tegelen) I-12
bolwerk dorpskom:   baolwerk (Vroenhoven) III-3-1
bolwerken iemand weerstaan:   bolwerke (Jeuk, ... ), bolwerken (Ophoven), bolwerreke (Maastricht), bolwirke (Lutterade), bolwéərkə (Schinnen), boolwerke (Mheer), bôlwerke (Swalmen), bôlwêrke (Nunhem), klaarkomen:   bolwĕrke (Venlo), ravotten:   bolwerken (Diepenbeek), bolweêrke (Hoepertingen), ten einde brengen:   bolwerke (Jeuk), bolwerken (Ophoven), bolwĕrke (Venlo), bolwörke (Bree), bōlwèrkə (Nieuwenhagen), bòlwirkə (Susteren), ich kàn het neet bòlwerke (As) III-1-4, III-3-2