e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
foemelzand stuifzand:   foemelzand (Gulpen), foemmelzank (Kerkrade), fōēməlzàntj (Amstenrade), fəemel zand (Vijlen), zavel, lichte klei:   foemmel zand (Wijlre), foeməlzantj (Grevenbicht/Papenhoven) III-4-4
foenesen mooi pratend het paard op de nek kloppen:   foenesen (Waubach) I-9
foeng moed:   fŏĕng (Heerlen) III-1-4
foens paddestoel (alg.): (-\\ = meervoud)  fui̯ns(ə) (Rukkelingen-Loon), schede:   fòins (Loksbergen) III-1-1, III-4-3
foep berenklauw:   foehp (Genk), fluit uit stengel van bereklauw  foeph (Hasselt) III-4-3
foeperen te licht in de rug:   (de kar) fupǝrt (Gennep, ... ), wippen:   foepere (Meerlo, ... ) I-13, III-3-2
foeps alles kwijt:   foeps (Lottum) III-3-2
foertelaar valsspeler:   foertelaar (Lommel) III-3-2
foertelarij vals spel:   foertelarij (Lommel) III-3-2
foertelen vals spelen:   foertelen (Lommel), Fr. foutre. Foertelen is de frequentatief van een onbekend *foerten; foutre > *foerten > foertelen (metathesis van t en r).  furtələn (Lommel) III-3-2