e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
de rand eronder maken bezetten:   dǝ rant ǝrǫndǝr mākǝ (Helden) II-12
de rand leggen afranden:   dǝ rant lęgǝ (Weert) II-12
de rand neerleggen bezetten:   dǝ rānt nējǝrlęgǝ (Tessenderlo) II-12
de ranken afdoen peulvruchten afhalen:   də ránk ávdun (Beverlo), vermoedelijk werkwoord  de ring afdoen (Beringen) III-2-3
de ranken erafdoen peulvruchten afhalen:   də raɛn era.f do:n (Kaulille) III-2-3
de ranken van de bonen afdoen peulvruchten afhalen:   de reng van de boenen afdoen (Zonhoven) III-2-3
de ratel hebben hijgen naar adem, reutelen:   hij heeft den rotel (Peer) III-2-2
de ratel in de keel hebben hijgen naar adem, reutelen:   de rotel in de keel höbbe (Maastricht), de rotel in zien keèl (Lanklaar), he hät de rootel in de kèl (Mechelen-aan-de-Maas), hè heet de raotel in de kē-el (Peer), hè het de rootel èn zèn keeəl (Diepenbeek), hè hit de raotəl inne kèl (Koersel) III-2-2
de reen opvaren de eerste voor ploegen:   dǝ [reen] ǫp˲vãrǝ (Cadier, ... ), dǝ [reen] ǫp˲vǭǝrǝ (Rijckholt), dǝr [reen] op˲vãrǝ (Nieuwenhagen, ... ) I-1
de reen uitgooien de eerste voor ploegen:   dǝ [reen] ūt˲gōi̯ǝ (Nuth) I-1