e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
breukwinning breukwinning:   brø̄kweneŋ ([Beringen, Zolder, Houthalen, Zwartberg, Winterslag, Waterschei, Eisden]) II-5
breumel kleine hoeveelheid eten: (ook voor: broodkruimel).  brø̄məl (Ketsingen), kruimel:   breumel (Diepenbeek), breumel brood (Millen, ... ), breumël (Hoeselt), brijəmel brōt (Beverst), brø̄məl (Tongeren), k of b slecht leesbaar  brjeumel (Rijkhoven), Van ë bróod bó veul breumëlë van ôof vallë wient òk gezàach dat hët breumëlt  breumël (Tongeren) III-2-3
breumelenvlaai strooiselvlaai:   breumëlëvlôi (Tongeren), vgl. 99  briëmelevloj (Bilzen) III-2-3
breumelgrond mulle grond:   brø̄mǝlgront (Riksingen) I-8
breumeltje kruimel:   breumelke (Tongeren) III-2-3
breustig bronstig:   brestix (Oud-Waterschei), bristex (Peer), bristǝx (Gelieren Bret, ... ), briztex (Waterloos), briǝstǝx (Kermt), brou̯stex (Rotem, ... ), brustex (Tessenderlo), bry.stex (Wijchmaal), brystex (Aldeneik, ... ), bryø.stix (Lauw), bryǝ.stex (Elen), brȳstex (Berverlo, ... ), brȳzex (Eksel), brȳštex (Zonhoven), brȳǝstex (Maaseik), brái̯.stex (Diets-Heur, ... ), brái̯.stix (Sluizen), brø ̝stex (Oostham), brø.stex (Boukoul, ... ), brøi̯stex (Ketsingen), brøi̯stǝx (Gelinden, ... ), brøsex (Meijel), brøstex (Dilsen, ... ), brøtsex (Helchteren, ... ), brøu̯.stex (Alken, ... ), brøu̯.stix (Voort, ... ), brøu̯stex (Aalst, ... ), brøu̯stix (Opheers), brøu̯stęx (Berg, ... ), brøu̯stǝx (Lanaken), brøu̯ǝ.stǝx (Kortessem), brøxstex (Rummen), brøzex (Overpelt), brøšex (Meijel), brø̄ ̝.stex (Rekem), brø̄ ̝ę.stex (Leut), brø̄.stex (Beringen, ... ), brø̄.stǝx (Gors-Opleeuw, ... ), brø̄.zex (Neerpelt), brø̄sex (Geleen, ... ), brø̄stex (Baarlo, ... ), brø̄stix (Bommershoven), brø̄stǝx (Beringen, ... ), brø̄u̯.stex (Kozen, ... ), brø̄u̯stix (Tongeren), brø̄ǝ.ste ̝x (Mechelen-Bovelingen, ... ), brø̄ǝstǝx (Groot-Gelmen, ... ), brø̜̄sex (Haelen), brø̜̄stex (Baexem, ... ), brø̜̄u̯stex (Bocholt, ... ), brø̜.stex (Panningen), brø̜i̯stex (Tegelen), brø̜stex (Blerick, ... ), brø̜stǝx (Val-Meer), brø̜u̯.sex (Kaulille), brø̜u̯.stǝx (Koninksem), brø̜u̯stex (Borgloon, ... ), brø̜ǝstēx (Neerharen), brē.stex (Beverst, ... ), brē.stǝx (Gellik, ... ), brēstix (Bilzen), brēǝ.stex (Berbroek, ... ), brēǝstex (Spalbeek), brē̜i̯stex (Bree, ... ), brē̜stǝx (Rosmeer), bręi̯.stex (As, ... ), bręi̯.tsex (Ellikom), bręi̯stex (Bree, ... ), bręstex (Genk), brīstex (Genk, ... ), brīǝ.stex (Neeroeteren), brɛstex (Zutendaal), bǝrø̜stex (Blerick), teeldriftig:   brø̄stex (Vechmaal), tochtig:   brȳstex (Blerick), brøstex (Bleijerheide), brø̄stex (Aalst, ... ), brø̄u̯stǝx (Borgloon), brø̜stex (Roosteren), brø̜stǝx (Blerick, ... ), brē̜stǝx (Hasselt), wild:   brestǝx (Rosmeer) I-11, I-12
breuzel etensresten:   breuzel (Sittard), kliekje:   brēūzel (Munstergeleen), kruim:   breuzel (Borlo), breuzél (Wilderen), (ook wel kruumel).  breuzel (Stevensweert), kruimel:   breurel brood (Riksingen), breuzel broed (Jeuk), brui?em slecht leesbaar  bruižem brood (Herstappe), opgewarmde koffie:   breuzel (Bleijerheide, ... ), -euu-: niet als de Ned. -eu-, ook niet als de Ned. -uu-, maar als een tussenklank.  breuuzel (Oirsbeek), Syst. Veldeke  breuzel (Bocholtz), Syst. WBD  breuzel (Kerkrade, ... ), slappe koffie:   breuzel (Heerlen, ... ), brozel (Sittard), Eigen syst.  breuzel (Heerlen), Ich höb gaer n tas kóffie, maar deze breuzel is neet te drinke  breuzel (Roermond) III-2-3
breuzelen (blijven) plakken: vgl. Heerlen Wb. (pag. 294): breuzele, bazelen [zie ook: bazele].  breuzələ (Heerlen), kibbelen:   breuzele (Kerkrade), kieskauwen:   breuzele (Kerkrade), kletsen:   br".zələ (Eys), breuzələ (Heerlen, ... ), koffiedik: (drab van koffie).  brösele (Sittard), koken (intr.):   breuzele (Valkenburg), plat praten: vgl. Kerkrade Wb. (pag. 65): breuzele, bazelen; treuzelen.  breuzele (Kerkrade), raaskallen:   breuzələ (Heerlen, ... ), stoven:   breuzele (Heerlen), breuzelen (Heerlerbaan/Kaumer), traag praten:   breuzele (Vaals), treuzelen:   breu’zele (Bleijerheide, ... ), wisselvallig weer:   breuzele (Geleen), zaniken, zeuren:   br".zələ (Eys) III-1-4, III-2-3, III-3-1, III-4-4
breuzelenweer koud, mistig en somber weer:   breu⁄zele weer (Bleijerheide, ... ) III-4-4
breuzeling etensresten: Syst. Frings  brø̄zəleŋ (Heppen) III-2-3