e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
lovertje paillette:   loverkes (Eksel), lovertje (Kesseleik), Kleine rondjes met gaatje diep apart moesten opgenaaid [worden].  lovertjes (Kesseleik) II-7, III-1-3
lovervos loof: Additie: = boomkikker  louvervos (Beegden) III-4-3
loyaal vriendelijk:   loojaal (Heerlerbaan/Kaumer) III-1-4
loze apostel sluwe persoon:   ⁄nne lwazze apostel (Geulle) III-1-4
loze dop speeldop:   loze dop (Kerkhoven) II-6
loze duivel sluwe persoon: cf. Schuermans p. 351 s.v. "looszak"een persoon die listig te werk gaat  ’t is ne louzen duvel (Kortessem) III-1-4
loze mens slimmerik:   eine loise minsch (Schimmert), loese miensch (Eys) III-1-4
loze vink blinde vink: Syst. IPA  lōͅzəveŋk (Paal) III-2-3
loze vrouw vroedvrouw: loos in de vorm van "slim  loewege vrouw (Welkenraedt) III-2-2
loze, een - lepe, doortrapte kerel:   loeze (Elen), loeëze (Opoeteren), looze (Zepperen), slimmerik:   enne loaze (Beek), loëze (Schaesberg), lôêzə (Epen), cf. Schuermans p. 351 s.v. "loozerik", een looze, een valschaard  ’ne looze (Sittard), sluwe persoon:   ne loêze (Maaseik), unnə lôezə (Kelpen) III-1-4