e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
iemand zijn catechismus aflezen uitschelden:   iemand zijne kattekiesmus aafliezen (Hasselt) III-3-1
iemand zijn dood aanzeggen iemands overlijden aanzeggen:   ej.mand z’n dōēëd aa.nzègge (Hasselt), īē.ëmant zennen doet aa.ë(n)zègge (Zonhoven) III-2-2
iemands lief afpakken een blauwtje lopen:   iemands lief afpakken (Eksel) III-2-2
ieme bij:   imǝ (Venray) II-6
iemelijk flauw:   hēəmələk (Urmond), i̯eməlik (Martenslinde), jeemelek (Rosmeer), weemelik (Waltwilder), èjəməluk (Valkenburg), met lengteteken vermoedelijk op de eerste i  iemelik (Weert), rins:   jeemelijk (Waltwilder), slechtgehumeurd (zijn):   hummeluk (Wellerlooi), iemelijk (Afferden), iemelik (Amby), iëmelik (Beesel), jimmelig (Mechelen) III-1-4, III-2-3
iemen genezen verklaren iemand genezen of gezond verklaren:   ę̄mǝ gǝnę̄zǝ vǝrklǭrǝ (Nieuwstadt  [(Maurits)]   [Willem-Sophia]) II-5
iemens die bijen houdt bijenhouder, imker:   ę̄mǝs dę̄ bi-jǝ hęlt (Meerssen) II-6
iemens die gaat biechten biechteling:   eemes dae geit biechte (Tegelen) III-3-3
iemens die met korf of kaar boert bijenhouder, imker:   ēmǝs dę̄ met kǫrf ǫf kār būrt (Asenray / Maalbroek) II-6
iemens die met korf of kaar imkert bijenhouder, imker:   ēmǝs dę̄ met kǫrf ǫf kār emkǝrt (Asenray / Maalbroek) II-6