e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
davy-lamp veiligheidslamp:   davy-lamp (Heerlen  [(Oranje-Nassau I-IV)]  , ... [Domaniale]  [Laura, Julia]) II-5
daxman <naam>:   Daxman (Echt/Gebroek), Algemene opmerking bij deze vragenlijst: invuller heeft hierbij twee bijlagevellen bijgevoegd, t.w.  m’nen Dàxman (Bilzen) III-3-2
dazelachtig duizelig:   daezelaechtig zien (Helden/Everlo), daozelechtig (Heel), daozelechtig zien (Bilzen), dazelechtig (Herten (bij Roermond)), dazelechtig zien (Mechelen-aan-de-Maas), dazelejgtig (Boeket/Heisterstraat), dazelätig (Sevenum), onvast ter been (zijn):   daazelechtig (Heel, ... ), daazelächtig (Haelen), dazelechtig (Rekem, ... ), dazelejgtig (Boeket/Heisterstraat), onwel:   dazelechtig (Kinrooi) III-1-2
dazelen duizelig zijn:   daazele (Tungelroy), dao gaoje van aant daazele (Boeket/Heisterstraat), het daazeltj mich (Tungelroy), heen en weer (bewegen):   hèè doozelt (Valkenburg), heen en weer draaien:   dasele (Ten-Esschen/Weustenrade), (fig.)  dāzele (As), ijlen: [sic]  dazele (Kinrooi), onvast ter been (zijn):   dazele (Montfort), däozele (Gronsveld), op een sukkeldrafje lopen:   dazele (Echt/Gebroek), waggelen:   daa.zele (Panningen), daazele (Heel, ... ), daozele (Veldwezelt), dazele (Boeket/Heisterstraat, ... ), dazelen (Geistingen, ... ), dāzələ (Meeswijk), doazələ (Val-Meer), dōͅzələ (Beverst), doͅzələ (Smeermaas), dáázele (Amstenrade), [Paragraaf: leven/gezondheid/ziekte/vermoeidheid].  dazele (Boorsem), [Paragraaf: regelmatige werkwoorden].  dazele (Boorsem), daazelde - gedaazeld (= waggelend gaan, m.i. invloed ABN ontstaan).  daazele (Sittard), Zo wordt het ook wel genoemd.  dāzələ (Lanklaar), wiebelen:   daazele (Sevenum), dazele (Sevenum), Onvast lopen.  dazele (Klimmen), zwijmelen:   dāzǝlǝ (Maasmechelen, ... ), dǭzǝlǝ (Val-Meer) III-1-2, I-9, III-1-2
dazelen (ww.) onvast ter been (zijn):   daazele (Klimmen), daozele (Veldwezelt), dazele (Sittard, ... ), [Paragraaf: leven/gezondheid/ziekte/vermoeidheid].  dazele (Boorsem), [Paragraaf: regelmatige werkwoorden].  dazele (Boorsem), B.v. de zi:ke daa.zelde op zien bè.jn.  daa.zele (Panningen), B.v. dè zaatlap daazeldje ièrs get en toe veel der wie eine kloets neer.  daazele (Horn), onvast lopen  dazele (Klimmen) , III-4-4
dazelig duizelig:   daozelig zien (Bilzen), dazelich (Weert), dazelig (Boorsem, ... ), dazelig zien (Mechelen-aan-de-Maas), dèè.zelig (Hasselt), onvast ter been (zijn):   daa.zelig (Panningen), dazelig (Brunssum, ... ), dazelig oppe bein (Nunhem), dōāzelich (Hoeselt), slaperig:   dazelig (Maasbree) III-1-2
dazelig lopen knikkebenen:   dazelig laupe (Venlo) III-1-2
dazeltig onvast ter been (zijn):   dazeltig (Klimmen) III-1-2
dazen mompelend heen en weer draaien:   daaze (Schimmert, ... ) III-1-2
dazennet vliegennet:   [dazennet] (Afferden), dǭzǝnnęt (Afferden) I-10