e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
dat is gezet weddenschap add.: Sub zette.  da`s gezatte (Kortessem) III-3-2
dat is juist zijn vader hij aardt naar zijn vader:   det is just ze vader (Rotem), dés jŭŭst za’ vaoədər (Overpelt) III-2-2
dat is kort bij een hommelschoer donderslag: Nb. met regen = een schoer.  da⁄s kort bij een (hommel)schoer (Oirlo) III-4-4
dat is krek de oude hij aardt naar zijn vader:   da’s krek den aaë (Kortessem) III-2-2
dat is pront get iets voor een mus kleine hoeveelheid eten: Syst. WBD Een vergelijking die veel gebezigd wordt: des prónt gèt veur ein mös.  des prónt gèt veur ein mös (Maasniel) III-2-3
dat is van de hitst weerlichten:   da is van de hètst (wermte) (Gennep, ... ), dat is van də hitst (Opitter) III-4-4
dat is van hem eigendom:   det is van hem (häör) (Heel), van hem zeen (Heel) III-3-1
dat is van mich eigendom:   das allemoal van mich (Genk), dat is van mich (Achel), da’s-’va-mich (Stal), det aes van mich (Ospel), de’s van mich (Maasbree), van mig (Lauw), roerend goed  dat is van mich (Eijsden) III-3-1
dat is van mij eigendom: geen bijzonder woord  dat is van mi-j (Venray) III-3-1
dat is van mijn eigen eigendom:   det aes van mien eige (Ospel) III-3-1