e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
los zijn rijzen:   (het deeg) es los (Maastricht) II-1
los zitten loteren, los zitten:   loos zittə (Epen), los zitse (Kerkrade), los zitte (Hoeselt, ... ), los zittu (Brunssum), loszitte (Montfort), lŏz zitte (Vijlen), loͅ.s˃ ze.tə (Eys), zit laos (Meijel) III-4-4
los-in-de-muil, een - potsachtig:   eine losse inne moel (Ell) III-1-4
losbandig onkuis:   losbendig (Klimmen, ... ), wulps: zie ook WLD III, 2.2. lemmata "onkuis"en "geil, wellustig  lòsbàndig (As) III-1-4, III-2-2
losbinden schoven ontbinden:   lǫs˱be̜ŋǝ (Maasmechelen  [(nadat men een tijdje gedorst heeft)]  ) I-4
losbol knoeier: ps. Algemene note: Het omspellen van het Eksels dialect is misschien niet helemaal correct (geen spellingslijst daarvoor ik heb het bij benadering omgespeld!  loͅsbōl (Eksel) III-3-1
losbol (zn.) brasser:   los bòl (Sevenum), losbol (Sevenum) , III-1-4
losbranden branden:   lǫsbjanǝ (Riksingen), lǫsbranǝ (Heesveld-Eik, ... ), lǫsbrɛnǝ (Waubach) II-1
losbreken breken van leem- of koffiebanken:   losbrē̜kǝ (Milsbeek, ... ), cultivateren, met de cultivator werken of bewerken:   lǫs˱brē̜kǝ (Mook), doorbreken van de bulten:   losbrēkǝ (Sevenum), openbreken:   losbreken (Gennep) I-2, I-8, II-3, II-4
losch halve stuiver:   lōsj (Guttecoven), oor:   lóšen (Urmond), Plat.  lošə (Bunde) III-1-1, III-3-1