e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
lijkroeper lijkbidder:   lijkroeper (Schaesberg), lijkbidder  liekrooper (Waubach) III-2-2
lijkstro lijkstro:   lieksjtreu (Munstergeleen), liekstro (Tienray), lieëkstroo (Tungelroy), lijkstro (Horst), lijkstroo (Weert), līēkstrôe (Hout-Blerick), die heeft reeds op het lijkstro gelegen = hij is al lang dood  lijkstro (Grubbenvorst), meestal roggestro; na gebruik werd het verbrand  liekstroë (Maasbree), van bed op stroo komen  lijkstroo (Sevenum), van het bed op het stroe  līēkstroe (Blerick) III-2-2
lijkstrooi lijkstro:   liekstroei (Arcen), liekstroej (Lottum), liekstroi (Oostrum, ... ), liekstruj (Merselo), liekströj (Castenray, ... ), lijkstro (Siebengewald), lijkstrooi (Beringen), die ligt ook haost op t liekstroj"; van iemand die niet lang meer te leven heeft  liekstroj (Gennep), hij kan zijn liekstroi wel halen; hij komt van het bed op het strooi  liekstroi (Geysteren), hij komt van het bed op het stro = van de wal in de sloot  liekstroi (Leunen), hij/zij is op t liekstroj gelet (gelegd)  liekstroj (Afferden), je kumt van het bed op het stroi  liekstroi (Well), lijkstro; op een tafel, waarop men stro heeft gelegd (daaroverheen vaak een laken), opgebaard  liekstroj (Gennep), op een tafel, waarop men stro heeft gelegd (daaroverheen vaak een laken), opgebaard  liekstroi (Heijen, ... ), stro waarop het lijk gelegd werd  liekströj (Blitterswijck, ... ), uitdr.: hij komt van het bed op het strooj  liekstroj (Venray), vroeger  liekstrooi (Merselo, ... ), werd na gebruik verbrand; NB.HEEFT TWEE BETEKENISSEN: 1. stro waarop de dode zelf werd gelegd; 2. stro waarop de doodskist geplaatst werd op de lijkwagen  liekstroj (Middelaar) III-2-2
lijkteken litteken:   laikte͂ken (Millen), lie:ktie:ken (Kaulille), liekteeke (Vijlen), liekteike (Beek, ... ), liekteiken (Roggel), liekteikə (Leuken), liektijke (Schimmert), liektijken (Bocholt, ... ), liëektyke (Tungelroy), līēkteike (Stramproy) III-1-2
lijkwaad doodskleed: van linnen gemaakt; wijd en lang  liekwaad (Swalmen) III-2-2
lijkwachter lijkbidder: znd 1 a-m; znd 30, 25;  lijkwachter (Stokrooie, ... ) III-2-2
lijkwagel lijkwagen:   de lajkwaogel (Tongeren), de leekwoagel (Eigenbilzen), liekwaagel (Geleen, ... ), liekwagel (Stokkem), lijkwògel (Kortessem), NOTA BENE  liekwagel (Maastricht) III-2-2
lijkwagen lijkwagen:   de liekwaage (Meerssen, ... ), der liekwage (Klimmen, ... ), leikwage (Tienray), liekwaage (Bocholt, ... ), liekwage (Baarlo, ... ), liekwagen (Achel, ... ), lieèkwagen (Neerpelt), lijkwaage (Houthalen), lijkwagen (Lommel), likwāgə (Meijel), liêkwaage (Heel), lèè.kwao.ge (Zonhoven), lééjkwààgən (Lommel) III-2-2
lijkwagentje lijkwagen:   lieekwaegeske (Ell) III-2-2
lijkwaker lijkbidder: znd 1 a-m; znd 30, 25;  līēkwaker (Opoeteren, ... ), znd 1 a-m; znd 30, 25; hier zegt men -  lijkwaker (Ulbeek, ... ) III-2-2