e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
krodje goudhaantje:   krutske (Sittard), etym.aant.: cf du dial. krotz "iets kleins"; g. is het kleinste vogeltje van nederland  krutske (Sittard), klein in zijn soort:   krötje (Sevenum), winterkoninkje: veroud.  kraetje (Roermond) III-4-1, III-4-4
kroe-echel egel:   kroeheechel (Heel, ... ), kroewechel (Echt/Gebroek), kroeweechel (Echt/Gebroek), kroeëchel (Thorn), kroe-echel [het verbindingsstreepje lijkt later te zijn doorgestreept]  kroeechel (Neeritter) III-4-2
kroe-egel egel:   kroe-eegel (Tungelroy), kroe-egel (Hunsel), kroeegel (Horn), kroew-egel (Hunsel), [ ? - moeilijk leesbaar]  kroehegel (Echt/Gebroek), veroud.  krōē(w)aechel (Roermond) III-4-2
kroebebes kruisbes: verzamelfiche, ook mat. van ZND01, u 138  kroͅbəbeͅzə (Gelinden) I-7
kroef bochel:   (kruf) (Mechelen-aan-de-Maas), kro.f (Maastricht), kroe:f (Heers), kroeef (Gronsveld), kroef (Beverst, ... ), kroeəf (Piringen), kroĕf (Zutendaal), krof (Amby, ... ), kroft (Neeritter), kroof (Amby, ... ), krouf (Mechelen-aan-de-Maas), krōēf (Heks), krŏĕf (Amby, ... ), krŏf (Lanaken, ... ), krŏf op zənə rək (Lanaken), krŏŏf (Lanaken), kroͅf (Rekem), kru.f (Guigoven), kruf (Berg, ... ), kruŏf (Gutshoven), kròf (Maastricht, ... ), kròàf (Wijk), kròòf (Maastricht, ... ), króf (Heer, ... ), krôf (Eisden, ... ), kröf (Amby, ... ), krüf (Rosmeer, ... ), [Paragraaf: lichaam]  kròf (Boorsem), Deftiger  kröf (Guttecoven), Verouderd.  krŏĕf (Boeket/Heisterstraat), Veroudert  krŭf (Maaseik), Zowel gebruikt m.b.t. de bult als m.b.t. de drager ervan.  krŭf (Bilzen), bovendeel van de rug:   kro(o)f (Veldwezelt), kroef (Hoeselt), kröf (Rekem), buil op het hoofd:   kroef (Klimmen), kippenborst:   kroef (Lauw), sintel:   kro.f (Lanklaar) III-1-1, III-1-2, III-2-1
kroefje bochel:   krŏĕfke (Kanne), krufke (Wolder/Oud-Vroenhoven), krüfke (Roermond), bovendeel van de rug:   kröfke (Rekem) III-1-1, III-1-2
kroeg aarden pot:   krox (Zolder), krux (Borgloon, ... ), kruǝx (Leopoldsburg), krōx (Kuringen), krǫx (Stokrooie, ... ), boterpot: voor boter grote blauwe pot  krux (Tongeren), honingbak:   krux (Alken, ... ), honingvat:   krux (Alken, ... ), krōx (Houthalen), inmaakpot: voor boter, tomaten, bonenenz. groot  krux (Hoepertingen), voor melk of bonen etc.  krōx (Beringen), voor zuurkool  kroͅəx (Lummen), karnvat:   krux ('S-Herenelderen, ... ), kruǝx (Ulbeek, ... ), krōx (Houthalen, ... ), krǫx (Beringen, ... ), roompot:   krox (Helchteren), krux (Beringen, ... ), krūx (Gingelom), roomschotel:   krux (Paal), stenen pot: spelling Beverlo wbk.; \": naslag (stomme e)  krùg (Beverlo), stenen pot, keulse pot:   kroech (Hasselt, ... ), kroeg (Diepenbeek, ... ), krug (Borgloon), krux (Beringen, ... ), kruxskə (Halen), króog (Kuringen), krø&#x0304x (Spalbeek), 1ste lid voor de inhoud aan te gven  krux (Wellen), grote  krux (Diepenbeek), kroeg  krux (Borgloon), m.  krux (Hasselt, ... ), m. meervoud: kryx  krux (Borgloon), m. mv. kruy\\  krux (Hasselt), meervoud  kryx (Opheers), meervoud bewaarpotten  kryx (Tongeren), mv. krijx  krux (Tongeren), Verklw. kruchske  kroo.ch (Zonhoven), voor boter  krux ˃van drēͅj rōͅu̯zə (Wintershoven), £ is niet omgespeld  kro͂ͅx (Kermt), stroopvat:   krux (Jesseren), (mv.)  krugǝ (Wellen) I-11, II-2, II-6, II-8, III-2-1
kroeg voor boter te stoten karnvat:   krux˲ vø̄r [boter] tǝ stōtǝ (Riksingen) I-11
kroegentocht maken uitgaan:   kroegetochtmake (Merkelbeek) III-3-1
kroegje aarden pot:   kryxskǝ (Hasselt, ... ), krȳxskǝ (Neerhespen, ... ), honingpot:   kroegje (Hasselt), inmaakpot: voor boter, tomaten, bonenenz. klein  kryxskə (Hoepertingen), stenen pot, keulse pot:   krijgskə (Hasselt), krijg’skə (\'s-Herenelderen), kruugske (Mal, ... ), kruxəkə (Niel-bij-St.-Truiden), de u kan ook een i zijn om eieren , boter of vlees in te bewaren  kruxskə (Hasselt), kleine  kryxskə (Diepenbeek) II-6, II-8, III-2-1