e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
epidemie epidemie:   eepedemie (Swalmen), eepideemiej (Bocholt), eepiedeemie (Leopoldsburg), eepiĕdeemiĕ (Venlo), eepiĕdömiĕ (Stevensweert), eepədəmie (Kapel-in-t-Zand, ... ), epedemie (Bree, ... ), epedemie die zich rap vuruit zet (Kerkhoven), epedemiej (Kinrooi, ... ), epedēmi (Kinrooi), epedimie (Amby, ... ), epemie (Vlodrop), epideeme (Vorsen), epidemi (Meeuwen), epidemie (Blerick, ... ), epidemiej (Ell), epidemis (Hoepertingen), epidəmie (Heel), epiedemie (Boekend, ... ), epudumie (Brunssum), epədemie (Wijnandsrade), ēēpidəmīē (Nieuwenhagen), ēpədəmi (Ingber), ipp’deemie (Kaulille), épidémie (Tongeren), as er hiejel veel minsen dezelfde zikte hemmen, is ¯t een epidemie  epidemie (Peer) III-1-2
epistel (<lat.) epistel:   apistel (Ophoven, ... ), d`n epistel (Lutterade), den epistel (Eigenbilzen, ... ), eepistel (Tessenderlo, ... ), eepistəl (Maastricht), eipistel (Sint-Truiden), epiestel (Valkenburg), epistel (Achel, ... ), epistəl (Loksbergen, ... ), epsitel (Horn, ... ), t epistel (Gulpen, ... ), t ēēpistel (Nieuwenhagen), épistel (Hoeselt), əpestəl (Meijel) III-3-3
epistelgang vrouwenkant:   epistelgank (Echt/Gebroek) III-3-3
epistelkant vrouwenkant:   de epistelkant (Hoensbroek, ... ), epiestelkant (Valkenburg), epistelkanjt (Schinnen), epistelkant (Geistingen, ... ), epistelkantj (Posterholt, ... ), epistelkentj (Guttecoven), ēpistelkānt (Maastricht), əpestəlkānt (Meijel), = voor de mannen !!!  epistelkantj (Kessel), =mannen!!  epistelkant (Zonhoven), hier zaten de mannen !!!  epistelkant (Ell), mannenkant  epistelkant (Heugem), wordt niet meer gezegd  épistelkaant (Tongeren) III-3-3
epistelzijde vrouwenkant:   de epistelzij (Montzen), epistelziej (Waubach) III-3-3
eppes beetje, een weinig:   eppes (Waubach) III-4-4
equipage (fr.) bemanning:   eekĭĕpáásj (Maastricht), equipage (Maastricht), équipage (Maastricht, ... ) III-3-1
er aardig bij zitten rijk zijn:   zit er aardig biëe (Maasbracht) III-3-1
er achter gaan informeren (onoverg.):   achtergoon (Eksel) III-1-4
er achter zien te komen informeren (onoverg.):   er achterzeen te kome (Tungelroy) III-1-4