e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
kooklapje pannenlap:   kaoklepke (Limbricht) III-2-1
kooklepel pollepel:   kau̯xlēəpəl (Eupen), kōͅ.xlēͅapəl (Montzen), kūəklēəpəl (Niel-bij-As), kūəklīəpəl (Niel-bij-As) III-2-1
kookloon stookloon:   koǝkloǝn (Wellen) II-2
kookmets mes voor pannenkoeken:   kaokmets (Limbricht, ... ) III-2-1
kookoven oven waarbij men in dezelfde ruimte stookt en bakt:   kokǫwvǝ (Sint-Truiden) II-1
kookplaats kook- en eetruimte in de stal, zomerwoning:   kuǝkplāts (Maaseik) I-6
kookpot kookpot:   kookpot (Oirlo), kookpŏt (Meijel), kōkpoͅt (Opglabbeek, ... ), ky(3)̄kpoͅt (Opglabbeek), Men beperkt zich tot ketel, pan of pot. Ketel en pot worden ook wel door elkaar gebruikt.  kaokpot (Boekend), spruitpot:   kǫu̯kpǫt (Halen) I-11, III-2-1
kookpot, de - kooksel:   de kaokpot (Venlo), de kōōk (Schimmert), de kuuk (Bree), de kôak (Thorn), kookpot (Meerlo) III-2-3
kooksel brouwsel:   kǭksǝl (Horn), handvol:   en koksel (Oirlo), kooksel:   en koksel (Oirlo), kaok(səl) (Horn), kaoksel (Blerick, ... ), kaoksöl (Stevensweert), kaoksəl (Beesel, ... ), kaok’sel (Tegelen), kaoəksəl (Reuver), kauksel (Vlodrop), koaksel (Blerick, ... ), koeəksel (Weert), koksel (Tienray), kooksel (Ittervoort, ... ), kooksul (Itteren), kooksəl (Heugem, ... ), kouksel (Guttecoven), koêksel (Neeroeteren), kōksel (Hamont), kŏksel (Schimmert), koͅksəl (Blitterswijck, ... ), kuuksel (As, ... ), kòksel (Gennep, ... ), kóksel (Sevenum, ... ), kóóksel (Pey), kôksel (Maasbree), k‧ūəksəl (Neeroeteren), hoeveelheid die men in één keer kookt  ky.ksəl (Meeuwen), kooksel  kooksəl (Meijel), opbrengst van een aardappelstruik:   kǫksǝl (Linde, ... ) I-5, II-2, III-2-3, III-4-4
kooksel verzamelen groenten bij elkaar zoeken:   kóksəl verzamele (Meijel) III-2-3