e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
haamrek getuigrek:   hāmręk (Tegelen), hāmrɛk (Klimmen), hǭmrø̜k (Val-Meer, ... ) I-6
haamriemen jukriem:   hǭmrēi̯mǝ (Sint Pieter) I-10
haamringen trekhaken, -ogen:   hǭmreŋ (Riksingen), hǭmreŋǝ (Sint Pieter) I-10
haamromp haamkussen:   hāmromp (Sittard) I-10
haams maretak:   haamsch (Mheer, ... ), haamsj (Berg-en-Terblijt, ... ), hamsj (Noorbeek, ... ), M  haamsch (Heer), verzamelfiche, ook mat. van ZND01, u 155 en van ZND15, 011  haamsj (Bunde), hamš (s-Gravenvoeren), hèmsj (Mheer), viscum album  haamsj (Banholt, ... ) III-4-3
haamscheut maretak:   haamscheut (Valkenburg, ... ), haamschuut (Heerlen), haamsjeut (Heek), haamsjueut (Klimmen), haamsjut (Simpelveld), haamsjûût (Klimmen), homsjet (Mechelen), de vorm der paarsgewijs geplaatste lederachtige blaadjes doet denken aan paardehaam; bijv. bij de naam maretak: paard (mare). Woekerplant groeit op eiken: door druïden (vroeger) als heilig beschouwd; plant groeit op een doornstruik: (hedendaags) nog voor bijzonder geneeskrachtig gehouden.  haamscheut (Valkenburg), mv.  haamschuet (Rimburg), viscum album  haamsjeuet (Heerlen), viscum album, (maretak)  haamscheut (Heerlen), viscum album, een parasietplant, die als het ware een nest in hoge bomen vormt. Eng. mistletoe. Gewijde plant der Druïden  haamsjeúet (Heerlen) III-4-3
haamsel maretak:   hamschel (Epen, ... ), hamsjel (Mechelen), hamzəl (Vaals), verzamelfiche, ook mat. van ZND01, u 155 en van ZND15, 011  hamšel (Montzen), hāmschel (Hombourg), verzamelfiche, ook mat. van ZND01, u 155 en van ZND15, 011; HEUKELS  hammsəl (Hombourg), trekker van de aanaardhandploeg:   hǭmsǝl (Smeermaas), veldstrengen:   [haamsel] (Val-Meer, ... ), zwenghout, spoorstok:   (h)ǭmsǝl (Waltwilder), hãmsǝl (Lanaken, ... ), hǫmsǝl (Hees, ... ), hǭmsǝl (Eigenbilzen, ... ) I-2, I-5, III-4-3
haamselkettelen veldstrengen:   [haamsel]kętǝlǝ (Eigenbilzen, ... ) I-2
haamselstrangen veldstrengen:   hǭmsǝlstrɛŋ (Gellik) I-2
haamselstreng voorstrengen:   hǭmsǝlstręŋ (Smeermaas) I-13