e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
doodsbloem lelie (lilium):   doeëtsbloom (Altweert, ... ), werd veel in grafkransen verwerkt  doeëdsbloom (Tungelroy) III-2-1
doodsbred lijkbaar:   doee_tsbreet (Sint-Truiden), doee_tsbriee_t (Sint-Truiden), doeëtsbreet (Sint-Truiden), doeëtsbrieët (Sint-Truiden) III-2-2, III-3-3
doodsbrief rouwbrief:   de dooidsbrief (Tongeren), de dóitsbrief (Tongeren), de dútsbrief (Tongeren), den doatsbreef (Schimmert), den doodsbrief (Eigenbilzen), der doëdsbreef (Klimmen), deudsbrief (Heers), do^e^dzbr"(e(f (Niel-bij-St.-Truiden), doadsbreef (Schinnen), doe_dsbreef (Venlo), doeadsbreef (Echt/Gebroek, ... ), doedsbreef (Bocholt, ... ), doedsbrief (Genk, ... ), doee_dsbreef (Tungelroy, ... ), doee_tsbreef (Weert), doeedsbreef (Weert), doets(j)br"oͅeoͅ.e_f (Zonhoven), doets(j)brīē.ëf (Zonhoven), doetsbreef (Opoeteren), doetsbrief (Zonhoven), doeuedsbreef (Heel), doewdsbrief (Jeuk), doeëdsbreef (Baarlo, ... ), doeëdsbrief (Sint-Huibrechts-Lille, ... ), doeëtsbreef (Altweert, ... ), doeͅdsbrieoͅf (Venray), doodsbrief (Eigenbilzen, ... ), dooͅeoͅe_dsbrej.f (Hasselt), doudsbreef (Ophoven), douĕtsbr"(e(f (Lommel), douətsbrĭĕf (Lommel), doëdsbreef (Venlo), dōēëdsbrej.f (Hasselt), doͅtsbrif (Meijel), dudsbrief (Beverlo, ... ), duoͅuoͅtsbreef (Meeuwen), dutsbrief (Hoensbroek), dutsbrīēf (Loksbergen), duudsbreef (As, ... ), dūūdsbrēēf (Opglabbeek), dūūtsbreef (Meeuwen), dòdsbrief (Achel), dódsbriēf (Castenray, ... ), dôêdzbrĭĕf (Niel-bij-St.-Truiden), dödsbrief (Neerpelt), dùdsbrief (Hoeselt), düdsbrief (Eksel), dər duətsbrēf (Montzen), meoͅt eͅne doeds breef (Maastricht), mēt ⁄ne doeds breef (Maastricht) III-2-2, III-3-3
doodsbrief schikken iemands overlijden aanzeggen:   doewdsbrief skikke (Jeuk), uitnodigen voor een begrafenis:   doedsbrief schikken (Landen) III-2-2, III-3-1
doodsbrief schrijven iemands overlijden aanzeggen: znd 32, 71;  doodsbrief s-jreeve (Riemst), uitnodigen voor een begrafenis:   doodsbrief sjreeve (Riemst) III-2-2, III-3-1
doodschieten verdoven:   dōtšītǝ (Tongeren) II-1
doodsdag eraan hebben vruchtgebruik:   de doodsdag eraan hebben (Gorsem) III-3-1
doodsdag hebben vruchtgebruik:   doodsdag həmme (Zepperen) III-3-1
doodsdingen doodskleed: doodsdinge  dytsdĕŋə (Boekt/Heikant) III-2-2
doodselijk gezicht (persoon met) bleek, flets gezicht:   doodselijk gezicht (Riksingen) III-1-2