e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
de hele som het volle bedrag:   de hīēl som (Tungelroy), de héél som (Roosteren), ps. omgespeld volgens Frings.  də hēl soͅm (Ketsingen), də hil soͅm (Gelieren/Bret), ps. omgespeld volgens IPA.  də hēͅl som (Tongeren), hiəl soͅm (Achel) III-3-1
de hele zaak geslachtsdelen (alg.):   de hiël zaak (Eksel) III-1-1
de hele zwik het volle bedrag:   de hieel zwik (Weert) III-3-1
de helft de helft vragen:   de elf (Mettekoven), de halft (Kortenbos), de heleft (Meldert), de helf (Lanaken), de helft! (Opglabbeek), de helgt zuur jong (Wijer), de hellef (Beverst), de hĕlĕft (As), de hèlft (Opoeteren), den əlft zur (Sint-Truiden), dö hälft (Kwaadmechelen) III-3-2
de helft geven de helft vragen:   de helf gēve (Zichen-Zussen-Bolder) III-3-2
de helft is voor mich de helft vragen:   de helf es veur mig (Genoelselderen), de helf es vər mich (Hoeselt), de hèlf is veur mig (Hoeselt) III-3-2
de helft voor mich de helft vragen:   de half ver mij (Gingelom), de heelig vor mich (Jeuk), de helf veur mig (Vechmaal), de hélf vər mich zeû (Sint-Huibrechts-Hern), delf veur mīX (Bilzen) III-3-2
de helft voor mij de helft vragen:   de helft veur mij (Tessenderlo) III-3-2
de helft vragen de helft vragen:   de hélf vrōge van iet (Wellen) III-3-2
de helle ploegzool:   dǝ hɛlǝ (Munstergeleen) I-1