e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
kruid [eggen] onkruid uiteggen, ondiep geploegd (stoppel):   [kruid] [eggen] (Beek, ... ) I-2
kruid steken een voor afhakken, afscheppen:   krūt štę̄kǝ (Eckelrade) I-1
kruid wijden kruidwis wijden:   kroedwien (Linne, ... ) III-3-2
kruid[eg] onkruideg, stoppeleg:   krūt˱[eg] (Beek, ... ) I-2
kruidachtig te snel verwerkt:   krutɛxtex (Heythuysen) II-1
kruidachtige vaste plant vaste plant:   krōētachtiga vàstə plànt (Maastricht) III-4-3
kruidbabbelaar stroopsoldaatje:   ne kroetbabbelaar (Blerick) III-2-3
kruidbabbeltje babbelaar:   krōētbabbeltje (Maasbree) III-2-3
kruidbezem kruidwis:   krutjbissem (Meijel) III-3-2
kruidbosje kruidwis: nöteblaor, haver, els, wörmzaoitje  kroetbuske (Meijel) III-3-2