e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
de klok zetten de duivenklok gelijkzetten met de moederklok:   klok zette (Wijlre) III-3-2
de klokken aanzetten de duivenklok gelijkzetten met de moederklok:   klokken aanzètten (Eisden) III-3-2
de klokken doen zwenken beieren:   de klokke douë zwēŋke (Montzen) III-3-3
de klokken gaan beieren:   de klokke gōōn (Maastricht) III-3-3
de klokken luiden de noodklok luiden:   de klokke louwe (Weert), de klokke luuje (Sevenum), də kloͅkə lø͂ͅjə (Meijel), luiden voor de mis:   de klok lojje (Maastricht), de klokke loeje (Heel), tweede luiden voor de mis:   de klokke loeë (Chèvremont) III-3-3
de klokken trekken de duivenklok gelijkzetten met de moederklok:   de klokken trekken (Rijkhoven) III-3-2
de klokken zetten de duivenklok gelijkzetten met de moederklok:   de klokke zitte (Echt/Gebroek), de klokke zètte (Doenrade), klokke zitte (Geleen), klokke zètte (Doenrade, ... ), klòkkə zètte (Guttecoven) III-3-2
de kloof opzetten castreren:   dǝ klōf ǫp˲zɛtǝ (Kinrooi) I-11
de kloten kwijt zijn duizelig zijn:   he`ə ēͅs də kløtə kwēͅt (Lummen) III-1-2
de kloten op de hort op:   də klu:tə up (Kanne), de hort op?: vooral de jeugd  de kloete op (Schimmert), verdwenen:   de kloaten op (Geleen), de kloeëten op (Eksel), Plat.  de kloēten op (Bilzen), Zeer plat.  de kloete op (Wolder/Oud-Vroenhoven) III-1-2, III-3-1