| 17953 |
pootjebaden |
door het water platsen:
door t water platse (L270p Tegelen),
platsen:
platse (L270p Tegelen),
plonzen:
ploense (L270p Tegelen),
pootjebaden:
puetje baje (L270p Tegelen),
spetteren:
spettere (L270p Tegelen)
|
lopen: met blote voeten door plassen lopen [polse, dokkele, baden] [N 10 (1961)] || waden: door het water baden [waoje, baoje, baaje] [N 10 (1961)]
III-1-2
|
| 34174 |
pootjesblaas |
pootjesblaas:
pyǝtjǝsblǭs (L270p Tegelen)
|
De tweede blaas waarin de voorpoten van het kalf zitten. [N 3A, 52b]
I-11
|
| 22806 |
pop |
pop:
em poop (L270p Tegelen)
|
pop [GTRP (1980-1995)]
III-3-2
|
| 29588 |
poppengoed |
kinderspeelgoed:
keŋǝršpø̄̄lgōt (L270p Tegelen)
|
Kleine aarden potjes als speelgoed voor kinderen. [N 49, 117]
II-8
|
| 24490 |
populier (alg.) |
canadaboom:
-
canadabuim (L270p Tegelen),
canadas:
-
kannedaas (L270p Tegelen),
roodwijde:
italiaanse populieren
roëd-wieje (L270p Tegelen),
spitswijde:
sjpitswieje (L270p Tegelen)
|
populier || populier (Populus) [DC 69 (1994)]
III-4-3
|
| 32167 |
porienvulsel |
porievulsel:
pōrivølsǝl (L270p Tegelen)
|
Een mengsel om oppervlakteporiën te vullen van hout dat blank gevernist moet worden. In Reuver (L 299) en Herten (L 330) werd het poriënvulsel gemaakt van slijpsel van de houtsoort die gevuld moest worden, vermengd met lijm. [N 53, 235c; monogr.]
II-12
|
| 30120 |
porringdraad |
trekdraad:
tręk˱drǭt (L270p Tegelen)
|
De draad waarmee de boog wordt afgetekend. Eén uiteinde van de draad wordt vastgehecht in het porringpunt, met het andere wordt de boog bepaald. Uit de woordtypen 'metselkoord' (L 292), 'metskoord' (Q 83), 'metsdraad' (L 360) en 'metseltouw' (L 432, Q 111) blijkt dat ook het 'metselkoord' als porringdraad werd gebruikt. In L 414 werd het aftekenen met behulp van een 'klokpasser' ('klǫkpasǝr') gedaan. [N 32, 17f]
II-9
|
| 30121 |
porringpunt |
trekpunt:
trękpønt (L270p Tegelen)
|
Het middelpunt van de cirkel waarvan een te metselen boog een segment is. In het 'porringpunt' wordt de porringdraad vastgehecht. Zie ook de toelichting bij het lemma 'Porringdraad'. [N 32, 17e; monogr.]
II-9
|
| 24365 |
pos |
jood:
kleine smakelijke baarsachtige riviervis
joed (L270p Tegelen)
|
pos (vis)
III-4-2
|
| 21203 |
postbode |
post:
poͅz (L270p Tegelen)
|
postbode [RND]
III-3-1
|