| 21440 |
schimpen |
schelden:
sjèlje (L331p Swalmen)
|
op onwaardige wijze kritiek uitspreken [schimpen, spijkeren] [N 85 (1981)]
III-3-1
|
| 21244 |
schip |
schip:
scheeəp (L331p Swalmen),
sjeep (L331p Swalmen),
ši.əp (L331p Swalmen)
|
schip [RND], [SGV (1914)] || schip; de kapitein van het schip .... vroeger nog matroos geweest. [DC 45 (1970)]
III-3-1
|
| 21248 |
schipper |
schipper:
šipər (L331p Swalmen)
|
schipper [RND]
III-3-1
|
| 18923 |
schipperen |
schipperen:
sjippere (L331p Swalmen, ...
L331p Swalmen)
|
naar omstandigheden handelen, niet aan zijn beginsels vasthouden, maar alles rustig in het werk stellen om een oplossing te vinden [busselen, schipperen] [N 85 (1981)]
III-1-4
|
| 32855 |
schitbossen |
schijtpoezen:
šī.tpȳs (L331p Swalmen),
schijttruizen:
šī.ttrȳs (L331p Swalmen)
|
Bossen van welig opschietend gras in de weide, op plaatsen waar koedrek heeft gelegen. De koeien laten deze bossen vaak staan; ze worden dan later in het seizoen afgemaaid. Overal is het meervoud opgenomen; behalve waar uitdrukkelijk anderszins aangegeven. [N 14, 85; N 14, 123 add.; monogr.]
I-3
|
| 25045 |
schitteren |
schitteren:
sjittere (L331p Swalmen, ...
L331p Swalmen)
|
een sterk, beweeglijk licht verspreiden zodat het pijn doet aan de ogen [schitteren, glariën] [N 91 (1982)]
III-4-4
|
| 18341 |
schoeisel |
t leer]:
vootgetouw (L331p Swalmen)
|
schoeisel, het geheel van schoenen, laarzen e.d. [voetgetöch [N 24 (1964)]
III-1-3
|
| 26502 |
schoen |
goot:
gø̄t (L331p Swalmen),
schoentje:
šø̄.ŋkǝ (L331p Swalmen),
schuddertje:
šø̜dǝrkǝ (L331p Swalmen)
|
Het kleine losse bakje onderaan het kaar dat tijdens het malen in schuddende beweging is. Het schoen staat de molenaar toe de graantoevoer naar de stenen te regelen. [N O, 19j; A 42A, 39; N D, 12; Sche 52; Vds 149; Jan 156; Coe 137; Grof 158; A 42A, 19]
II-3
|
| 18272 |
schoen: algemeen |
schoe:
schoe (L331p Swalmen),
schoen:
sjōōn (L331p Swalmen)
|
schoen [SGV (1914)] || schoen [skoewn, schoe, sjoe, schoon, sjoon] [N 24 (1964)]
III-1-3
|
| 18369 |
schoen: spotnamen |
stapper:
sjtappers (L331p Swalmen)
|
schoen: spotbenamingen [N 24 (1964)]
III-1-3
|