| 23244 |
prevelen |
prevelen:
prevele (L331p Swalmen)
|
Prevelen. [N 96B (1989)]
III-3-3
|
| 21649 |
priem? (wbd) |
trekgeld:
trekgeldj (L331p Swalmen)
|
bedrag dat uitbetaald wordt aan degene die bij de eerste verkoping, i.v.m. de openbare verkoping van huizen e.d. [vgl. vraag 15a] het hoogste bod heeft gedaan [trekgeld?] [N 21 (1963)]
III-3-1
|
| 23326 |
priester |
priester:
preestər (L331p Swalmen)
|
priester [SGV (1914)]
III-3-3
|
| 23414 |
priesterkoor |
koor:
koor (L331p Swalmen),
priesterkoor:
priesterkoor (L331p Swalmen)
|
Het achter de communiebanken gelegen, verhoogde voorste deel van de kerk, waar het hoofdaltaar en de koorbanken zich bevinden [koor, koeër, hoogkoor, priesterkoor?]. [N 96A (1989)]
III-3-3
|
| 23307 |
priestersteek met ronde luifel |
steek:
sjteek (L331p Swalmen)
|
priestersteek met ronde luifel [N 25 (1964)]
III-3-3
|
| 22862 |
prijzen (mv.) |
prijzen:
pri.zə (L331p Swalmen)
|
prijzen (mv.) [RND]
III-3-2
|
| 33740 |
prikkeldraad |
pindraad:
pendrǭt (L331p Swalmen),
tuindraad:
tū.ndrǭt (L331p Swalmen)
|
Twee- of driedraads gevlochten ijzerdraad van scherpe punten voorzien waarmee men een weide of een stuk grond afspant. [N M, 6b; N M, 6a; L 40, 73; JG 1b; L 32, 45 add.; Vld.; Gwn 16, 11; A 25, 4f; A 25, 8 add.; monogr.]
I-8
|
| 22356 |
priktol |
dop:
dob (L331p Swalmen),
dop (L331p Swalmen)
|
Priktol, werptol. || tol (speeltuig) [SGV (1914)]
III-3-2
|
| 18927 |
proberen |
proberen:
perbere (L331p Swalmen),
prebere (L331p Swalmen),
prebêere (L331p Swalmen)
|
een proef nemen met of van [proberen, verzoeken, bezien] [N 85 (1981)] || proberen: Als hij kans ziet zal hij - je te bedriegen [DC 35 (1963)]
III-1-4
|
| 21722 |
proces |
proces (<lat.):
perses (L331p Swalmen),
zitting:
zitting (L331p Swalmen)
|
de zitting van een rechterlijk college waarin een overtreding of misdrijf onderzocht wordt, en waarin een uitspraak gedaan wordt [kwerel, audiëntie, proces, ordenantie] [N 90 (1982)]
III-3-1
|