| 24757 |
ooievaarsbek |
ooievaarsbek:
oojevaarsbek (L331p Swalmen),
WLD
oojeváarsbék (L331p Swalmen)
|
Kleine ooievaarsbek (geranium molle 5 tot 40 cm hoge plant die kort behaard is; de bladeren zijn 5- tot 7-spletig met 3-delige slippen; de bloemen zijn zeer klein en bleekpaars van kleur; de vruchten zijn aangedrukt behaard. Bloeitijd van mei tot septem [N 92 (1982)]
III-4-3
|
| 20356 |
oom |
oom:
oomə (L331p Swalmen)
|
oom [SGV (1914)]
III-2-2
|
| 17757 |
oor |
oor:
o.rə (L331p Swalmen),
oor (L331p Swalmen)
|
oor [DC 01 (1931)] || oren [RND]
III-1-1
|
| 19284 |
oordelen |
uitmaken:
ôetmââke (L331p Swalmen)
|
door redeneren tot een gevolgtrekking komen, oordelen [schikken] [N 85 (1981)]
III-1-4
|
| 25408 |
oorkernen verwijderen |
(oren)uitsnijden:
utšni-jǝ (L331p Swalmen)
|
Met een scherp gepunt mes wordt het inwendige van het oor uitgesneden. [N 28, 69]
II-1
|
| 18238 |
oorknop |
orenknopje:
oreknuupkes (L331p Swalmen)
|
sieraad min of meer in de vorm van een knop die men aan elk oor draagt [knop, oorknop, dormeuse] [N 86 (1981)]
III-1-3
|
| 17615 |
oorlel |
lelletje:
lelke (L331p Swalmen)
|
oorlel [DC 01 (1931)]
III-1-1
|
| 21746 |
oorlog |
oorlog:
oorloch (L331p Swalmen),
oorlog (L331p Swalmen)
|
de strijd tusseen twee of meer volken, vorsten of staten [oorlog, krijg] [N 90 (1982)]
III-3-1
|
| 21186 |
oorlogsschip |
oorlogsschip:
oorlogssjeep (L331p Swalmen)
|
een schip gebouwd en uitgerust om in de oorlog gebruikt te worden [manwaar] [N 90 (1982)]
III-3-1
|
| 18237 |
oorring |
orenbel:
orebel (L331p Swalmen)
|
zilveren of gouden ring die in elk van beide oren gedragen wordt [oorbel, bel, slinger] [N 86 (1981)]
III-1-3
|