| 23203 |
kruisbeeld |
crucifix (<lat.):
kruutsefiks (L331p Swalmen),
kruis:
kruuts (L331p Swalmen),
krūūts (L331p Swalmen),
⁄n krūūts (L331p Swalmen),
lieveheer:
⁄n lieve Heer (L331p Swalmen)
|
Een beeld van Christus-aan-het-kruis [kruus, kruuts, kruu(t)sbeeld, kruusse-fiks?]. [N 96A (1989)] || Een kruisbeeld, het geheel van kruis en de eraan gehechte Christusfiguur. [N 96B (1989)] || Kruisbeeld [slivvenier, kruus, kruussefiks]. [N 06 (1960)]
III-3-3
|
| 34081 |
kruisbeen |
kruisbeen:
krytsbęi̯n (L331p Swalmen)
|
Heiligbeen, os sacrum; één der beenderen van het bekken. Het is een driehoekig beenstuk, ontstaan uit de vergroeiing van vijf wervels. [N 3A, 110a]
I-11
|
| 33551 |
kruisbes |
stekbeer:
sjtaekbaere (L331p Swalmen)
|
I-7
|
| 24656 |
kruisbladige wolfsmelk |
rattekruid:
WLD
ráttekroet (L331p Swalmen)
|
Kruidsbladwolfsmelk (euphorbia lathyrus). Forse plant van 1 m hoogte, met grote, vaak 6-8 cm lange en omstreeks 2 cm brede, grijsachtige groene bladeren (rattekruid, aberzop, klein spargie). [N 92 (1982)]
III-4-3
|
| 22550 |
kruisjassen (kaartspel) |
kruisen:
kruutse (L331p Swalmen, ...
L331p Swalmen)
|
Kruisjassen (een bep. kaartspel). || Namen [en beschrijving] van diverse kaartspelen zoals: [bonken, eenentwintigen, hoogjassen, kajoeteren, klaverjassen, kwetten, kruisjassen, liegen, pandoeren, petoeten, schuppemiejen, smousjassen, tikken, toepen, wijveren, zwartebetten, zwartepieten, zwik [N 88 (1982)]
III-3-2
|
| 23750 |
kruisje aan een kettinkje |
kruisje:
kruutske (L331p Swalmen)
|
Een kruisje, aan een kettinkje om de hals gedragen. [N 96B (1989)]
III-3-3
|
| 23717 |
kruisje van de rozenkrans |
rozenkranskruisje:
rozekranskruutske (L331p Swalmen)
|
Het kruisje aan de rozenkrans. [N 96B (1989)]
III-3-3
|
| 24673 |
kruiskruid |
jakobskruid:
WLD
jaakops-kroet (L331p Swalmen)
|
Kruiskruid (senecio 5 tot 50 cm groot. De bladeren zijn bochtig veerspletig, kaal of licht spinnewebachtig behaard; de bloemen staan in kleine, langwerpige hoofdjes, straalbloemen ontbreken, de schijfbloemen ontbreken; omwindselblaadjes met zwarte top ( [N 92 (1982)]
III-4-3
|
| 23314 |
kruisprocessie |
kruisprocessie (<lat.):
kry.tspərsesi (L331p Swalmen)
|
kruisen [RND]
III-3-3
|
| 24380 |
kruisspin |
kruisspin:
krûûtssjpin (L331p Swalmen)
|
kruisspin, spin met wit kruis op de rug die radvormig web maakt [N 26 (1964)]
III-4-2
|