| 32843 |
evenaar, tweespanszwenghout |
warshout:
wē̜rshǫu̯t (L331p Swalmen)
|
De balans of het dubbele zwenghout is het dwarse verbindingsstuk tussen een (zwaar) akkerwerktuig en de beide zwenghouten van een tweespan. Zie afb. 99. Bij de betrokken woordtypen hieronder is in (d)wars e.d. steeds de a als klinker aangehouden, ook al beantwoordt aan de dialectvarianten meestal een type met e (dwerg e.d.) of ee (dweers e.d.). Voor het ''...''-gedeelte van sommige varianten zij verwezen naar het lemma ''zwenghout''. De daar onderscheiden typen eegdhaam, eeghaam, eghaam en hun varianten zijn in dit lemma door ''eghaam'' resp. ''eghaam'' gesubstitueerd. [JG 1b + 1c + 1d + 2c; N 11, 34b; N 11A, 104; N 13, 87 add.; N 17, 69b add.; div.; monogr.]
I-2
|
| 19423 |
fakkel |
fakkel:
fakkel (L331p Swalmen)
|
In een licht ontvlambare stof gedrenkt stuk hout als verlichtingsmiddel (fakkel, toorts, askel, lont) [N 79 (1979)]
III-2-1
|
| 22485 |
fakkeloptocht |
fakkeloptocht:
fakkeloptoch (L331p Swalmen)
|
Fakkeloptocht.
III-3-2
|
| 20172 |
familie |
familie:
femielie (L331p Swalmen)
|
het geheel van bloedverwanten van dezelfde naam [familie, volk, parentatie, vriend] [N 87 (1981)]
III-2-2
|
| 22664 |
fanfare |
fanfare:
fanfaar (L331p Swalmen, ...
L331p Swalmen),
Dao höbbe ze gèn hermenie mer ein -.
fanfaar (L331p Swalmen)
|
Een muziekkorps dat bestaat uit koperen blaasinstrumenten en slagwerk [fanfare, fanfaar, muziek]. [N 90 (1982)] || Fanfare.
III-3-2
|
| 24144 |
fazant |
fazant:
feza.nt (L331p Swalmen),
fezant (L331p Swalmen),
mongoolse fazant:
mongoolse fazant (L331p Swalmen)
|
fazant || fazant (83 bekende jachtvogel; hen bruin en kleiner dan de kleurige haan [N 09 (1961)]
III-4-1
|
| 22431 |
feest |
feest:
fees (L331p Swalmen, ...
L331p Swalmen),
Ss. feesaovindj: feestavond.
fees (L331p Swalmen)
|
De bijeenkomst en samenzijn ter viering van een heuglijk feit of een gedenkdag [feest, kermis, begankenis]. [N 88 (1982)] || Feest.
III-3-2
|
| 22444 |
feest van sinter-greef |
korfjeszondag:
køͅrfkəszonjex (L331p Swalmen)
|
Het feest van Sinter-Greef (half vasten) [grevin, greve, miknem]. [N 88 (1982)]
III-3-2
|
| 22432 |
feesten |
feesten:
feeste (L331p Swalmen, ...
L331p Swalmen),
vieren:
viere (L331p Swalmen),
Fees -.
viere (L331p Swalmen)
|
Een feest vieren [feesten, vieren, kermissen, fêteren]. [N 88 (1982)] || Feesten. || Vieren.
III-3-2
|
| 22933 |
feesten add. |
juisteren:
? Verband met WNT joesteeren (Mnl. joesteren, josteren, justeren; van joeste), in een steekspel of tornooi, of in den strijd op het slagveld. Te paard met de gevelde speer op iemand inrennen, op die wijze met of tegen hem vechten.
juistere (L331p Swalmen)
|
[2]. Feesten, de bloemetjes buiten zetten.
III-3-2
|