| 23639 |
offergang |
offergang:
dɛr ofərgāŋk (Q253p Montzen)
|
De offergang, rondgang van de gelovigen rond het offerblok [offergank?]. [N 96B (1989)]
III-3-3
|
| 23409 |
offergeld |
geldoffer:
reeds gespendeerd
et gÚɛ̄ltòffer (Q253p Montzen),
offergeld:
nog te spenderen
et òffergɛ̄lt (Q253p Montzen)
|
Het geld dat men in het offerblok stopt [offergeld?]. [N 96A (1989)]
III-3-3
|
| 24900 |
ogenblikje, korte tijd, eventjes |
amelang:
amerijtje; Van Dale: zeer korte tijdsruimte, ogenblik; (eigenlijk zoveel tijd als nodig om een Ave Maria te bidden).
āmelâŋk (Q253p Montzen),
momentje:
məmentšjə (Q253p Montzen),
ogenblikje:
ps. letterlijk overgenomen.
ō:gəblekskə (Q253p Montzen)
|
een ogenblikje [ZND 04 (1924)] || ogenblik [ZND m]
III-4-4
|
| 23227 |
oksaal |
oksaal:
e schön oksāl met en nŏj örgel (Q253p Montzen),
òGzāl (Q253p Montzen),
ə sjön oksaal mit ən nöj ərəgəl (Q253p Montzen)
|
Een schoon oksaal met een nieuw orgel. [ZND 05 (1924)] || Het oksaal, de galerij boven het kerkportaal, waar het orgel staat en het zangkoor zingt [oksaal oksaol, koor, zangerskoor, zangzolder?]. [N 96A (1989)]
III-3-3
|
| 17636 |
oksel |
onder de arm:
ondər gənə ɛ̄rəm (Q253p Montzen)
|
Oksel (oksel, onder de arm). [N 109 (2001)]
III-1-1
|
| 23150 |
olifant |
elefant (du.):
Karte 109.
Elefant (Q253p Montzen)
|
Elefant.
III-3-2
|
| 17916 |
omarmen |
armen erom slaan:
erəm drøm sjlug (Q253p Montzen)
|
Met gestrekte armen omvatten ((om)vademen, (om)spannen, omarmen, (om)pakken) [N 108 (2001)]
III-1-2
|
| 30960 |
omboeken |
het boord omslaan en lijmen:
ǝt bǭǝt ø̜mšluǝ ęn līmǝ (Q253p Montzen)
|
Het omvouwen en vastlijmen van de randen van het leerwerk. [N 60, 52]
II-10
|
| 29086 |
omboorden |
boorden:
bø̜̄ǝdǝ (Q253p Montzen)
|
Omboorden in het algemeen oftewel het insluiten van een rafelkant met een enkele of dubbele bies en in het bijzonder het met en lint afzetten van een colbert. [N 59, 86; N 62, 17; MW]
II-7
|
| 23455 |
omgang van de toren |
balkon (<fr.):
der balkoŋ (Q253p Montzen),
staket:
et sjtaŋket (Q253p Montzen)
|
De omgang, de trans van de toren. [N 96A (1989)]
III-3-3
|